Op 24 februari vond de tiende Belgian Environmental Economics Day (BEED) plaats in Brussel. Net als de eerste BEED in 2008 organiseerde het Centrum voor Economie en Duurzaam Ondernemen – CEDON van de KU Leuven de bijeenkomst van Belgische milieueconomen. Om de zichtbaarheid van de bijeenkomst te vergroten werd ook een website gecreëerd.


Na een welkomstwoord van Johan Eyckmans, presenteerde Carolien Lavigne (KU Leuven) haar werk over het beheer van afvalstromen en de evolutie naar een circulaire economie in Brussel. Zij gebruikte benefit-of-doubt indicatoren om de gelijken (peers) van Brussel te identificeren en meer te leren over de effectiviteit van bepaalde beleidsinstrumenten in het kader van afvalbeleid in Europa.

Daarna ging Jan Brusselaers (UGent) dieper in op de gevolgen van de vrijwillige handelsovereenkomst tussen de EU en Kameroen voor tropisch hout. Deze overeenkomst leidde niet tot de verwachte resultaten van een meer duurzame handel van gecertificeerd hout maar leidde tot handelsdistorsies door het strategisch gedrag van de houtsector in Kameroen. De export van hout naar de EU nam af maar export naar andere regio’s (incl. buurlanden) nam toe.

Nikolaas Reyns (INBO) bestudeerde de aanpak van invasieve soorten in Vlaanderen. Specifiek presenteerde hij een kosten-batenanalyse over het beheer van de Grote Canadese Gans. Het scenario met jacht en vernietiging van eieren werd vergeleken met de vangst en het doden van ruiende vogels.

Frank Venmans (UMons) beschreef een analytisch Impact Assessment Model met cumulatieve koolstofemissies en een kwadratische schadefunctie. Het model houdt rekening met een snelle reactie op emissies: koolstofconcentraties stijgen snel de eerste vijf tot tien jaar om daarna slechts weinig meer te stijgen. Het gebruik van een dergelijke kwadratische schadefunctie heeft als gevolg dat piektemperaturen in het model een maximum van +2°C tot +10°C bereiken in plaats van de blijven stijgen (zoals bij een lineaire schadefunctie).

Na de lunch vertelde Sandra Rousseau (KU Leuven) over de houding van Vlaamse 15- tot 30-jarigen ten opzichte van het leasen van smartphones. Uit een keuze-experiment bleek dat de respondenten wel leken open te staan voor het huren van een smartphone. De analyse van een directe vraag gaf echter een tegengesteld resultaat. In het algemeen was er nog veel ruimte voor een meer duurzaam gedrag bij de keuze en het uit gebruik nemen van smartphones.

Vervolgens presenteerde Juan Garcia (KU Leuven) een theoretisch model van een kleine open economie waarin materiaalstromen expliciet werden opgenomen. Zijn analyse liet toe om de voorwaarden te identificeren waarbij een land evolueert naar een lineaire of een circulaire economie.

Jens Van Engeland (KU Leuven) gebruikte technieken uit operationeel onderzoek (column generation en MIP-based heuristics) om de tactische planning van de routes om afval op te halen in verschillende gemeentes te optimaliseren. Een oplossing bepaalde voor elk voertuig welke route op welk moment moet uitgevoerd worden zodat elke gemeente de gewenste frequentie en hoeveelheid van afvalverwerking krijgt.

Daarna presenteerde Thuc Huan Ha (UCLouvain) een model om de optimale graad van recyclage te bepalen en de invloed hiervan op het inzamelen van afval.

Tenslotte was het tijd voor de keynote van Christian Egenhofer (CEPS) over de uitdagingen waarmee de Europese Unie momenteel wordt geconfronteerd op het vlak van de uitbouw van het klimaat- en energiebeleid. Hij sprak over de rol van onderzoek in het politieke beslissingsproces en maakte daarbij de bedenking dat de minst transparante beleidsopties soms het meest worden gesteund vanuit de politiek. Ook werd de vraag gesteld of onderzoekers wel klaar zijn om de grote maatschappelijke verschuivingen en uitdagingen aan te pakken. In een veranderende wereld zijn innovatieve manieren om data in te zamelen, te verwerken, te analyseren en te interpreteren nodig. Eén van deze uitdagingen is hoe beleid en onderzoek kunnen omgaan met diversiteit. Daarnaast is het ook belangrijk om na te denken over de nog steeds stijgende consumptie en hoe duurzame consumptie kan gestimuleerd worden. Het Europees energie-, klimaat- en milieubeleid kan gestructureerd worden rond de uitdagingen om leefbare steden te creëren, om een transitie naar een meer circulaire economie te krijgen, om lokale vervuiling aan te pakken, om een duurzaam transportmodel uit te bouwen en om een koolstofarme energieproductie te realiseren.


Indien er interesse is in bepaalde thema’s is het waarschijnlijk het eenvoudigst om de presentatoren zelf te contacteren of eventueel Sandra Rousseau (Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.) te mailen.

Ga direct naar alle artikelen over:

nME icon overheid groot 3d4

Overheid

nME icon bedrijfsleven2 groot

Bedrijfsleven

nME icon onderzoek groot

Onderzoek

nME icon opinie2 groot

Opinie en debat