Wanneer de wereldwijde luchtvaart blijft groeien maakt dat het halen van de klimaatafspraken van Parijs (2015) onmogelijk. Binnen ‘Parijs’ kan de luchtvaart wereldwijd niet verder groeien. In een groen scenario zijn de emissies van een groeiende toeristische sector toch binnen 'Parijs' te brengen.


Dat blijkt uit het proefschrift dat Paul Peeters op 15 november 2017 in Delft verdedigde. In dit proefschrift wordt als toerist gedefinieerd iedereen die ten minste een nacht niet thuis verblijft. Dus het toerisme bestaat uit vakantiegangers, bezoekers aan familie en kennissen en zakelijke reizigers. Al deze reizen samen veroorzaken op dit moment ongeveer 5,6% van alle CO2-emissies in de wereld. Die ontstaan door vervoer, accommodaties en allerlei toeristische activiteiten. Opvallend is dat voor slechts 22% van alle toeristische reizen  het vliegtuig wordt gebruikt maar dat die vluchten zo’n 52% van de emissies veroorzaken. Tegen het eind van deze eeuw, in het jaar 2100, is het aandeel vliegreizen toegenomen tot 37%. Daarbovenop zal dan de totale afgelegde afstand tien keer zo groot zijn als nu. Het vliegtuig neemt daarvan 76% voor zijn rekening.

Figuur 1: Trendscenario broeikassgasemissies toerismecomponenten luchtvaart, wegverkeer, ander verkeer en accomodatie en de totale emissies behorende bij twee scenario's van het Parijs-akkoord, 2 en 1,5 graden Celsius opwarming. NB: 1E+12 kg = 1 Gigaton.

 

De grafiek laat de ontwikkeling tot 2100 zien van de emissies van de verschillende onderdelen van het toerisme. Ook staan daar de in Parijs afgesproken en nagestreefde totale emissies in. Voorts is duidelijk hoe de luchtvaartemissies steeds meer de overhand krijgen. Rond 2055 maken de toeristische emissies het streven van Parijs (1,5° C) onmogelijk in 2070 zelfs het doel (2° C). Voor alleen de luchtvaart is dat in respectievelijk in 2058 en 2075.

De vraag is dus hoe die toerisme-emissies binnen het dalende Parijse emissiepad voor 2° C te krijgen zonder het toerisme sterk te verminderen. Ten behoeve van het onderzoek is een lange termijn systeemdynamisch model ontwikkeld, het Global Tourism & Transport Model (GTTM). Het GTTM werkt als een ‘beleidssimulator’, een soort flight simulator voor beleidsmakers. Je kunt in GTTM aan 24 knoppen draaien die zijn verdeeld over zes beleidsstrategieën: alternatieve brandstoffen, technologie, belastingen & subsidies, vervoerssnelheden, infrastructuur & vervoersvloten en gedrag. Geen enkele strategie is op zichzelf in staat het emissieprobleem op te lossen. Dat lukt alleen met een combinatie van alle maatregelen plus de veronderstelling van een ‘maximum aantal slots’ op de luchthavens in de wereld.

Met behulp van het GTTM is een ’optimaal’ scenario ontwikkeld dat de emissiedoelstelling van Parijs haalt maar tegelijk de toeristische (economische) groei behoudt. De veranderingen ten opzichte van de trend zitten vooral in het vervoer: het aandeel vliegreizen neemt fors af, het gebruik van de hogesnelheidstrein groeit en het aandeel verre reizen (meer dan 6000 km) daalt. De gemiddelde afstand per reis verdubbelt in de trend maar blijft gelijk in het groene scenario. Men kan zich afvragen hoe groot dat offer eigenlijk is: het afzien van langere afstanden die we nu nog helemaal niet maken. Toch betekent dit ook dat, gegeven de sterke groei van toerisme in opkomende grote economieën, daar die afstanden nog wel wat zullen groeien en dus zullen reizigers in rijke landen omlaag moeten met afstanden en het aandeel luchtvaart in het aantal reizen.

Voor Nederland betekent een dergelijk scenario, waarin dus wordt aangenomen dat ‘Parijs’ halen business-as-usual is, dat zwaar investeren in groei van de luchtvaart kan leiden tot grote rendementsverliezen. Beter zou het zijn om sterk te investeren in de internationale spooraansluitingen, die op dit moment eerder slechter dan beter worden. Ook is het verstandig om het aantal slots in Nederland langzaam te laten dalen naar ongeveer 300.000 voor alle luchthavens samen. Dat draagt ook bij aan de oplossing van een reeks lokale milieuproblemen en maakt kostbare bouwruimte vrij, bijvoorbeeld bij Rotterdam-The Hague Airport.

Ten slotte zou Nederland een grote rol kunnen spelen bij de ontwikkeling van e-fuels, kerosine die direct uit CO2 uit de atmosfeer wordt gemaakt met behulp van zonne-energie. Een drop-in fuel die binnen een decennium zeer substantiële CO2-emissiereducties kan bewerkstelligen en, omdat het duur is, de milieukosten kan internaliseren in de sector.


Het proefschrift van Paul Peeters is hier te vinden: https://repository.tudelft.nl/islandora/object/uuid%3A615ac06e-d389-4c6c-810e-7a4ab5818e8d. De software van het GTTM model staat op: https://www.cstt.nl/userdata/documents/Peeters-PhD2017-GTTMdyn-model-software-data.zip.

Nadere inlichtingen: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken., +31-(0)6-23731708.

Ga direct naar alle artikelen over:

nME icon overheid groot 3d4

Overheid

nME icon bedrijfsleven2 groot

Bedrijfsleven

nME icon onderzoek groot

Onderzoek

nME icon opinie2 groot

Opinie en debat